Het goddelijke als horizon: Zambrano, Weil, Campo en Heidegger over economie en betekenis

Het goddelijke als horizon: Zambrano, Weil, Campo en Heidegger over economie en betekenis

Aurora-resonantie – Het Licht van de Correctie

Zoals de dageraad zich niet laat opsluiten, maar tastend langs vensters en drempels verder stroomt naar de werkplaatsen waar handen zich buigen en dromen zich met werken verweven, zo verspreidt ook de ethiek van de schaamte zich. Zij overstijgt de beslotenheid van het private en reikt naar de publieke ruimte, waar stemmen elkaar ontmoeten, soms breekbaar, soms luid, maar steeds verbonden in verschil. In dit gebaar wordt zichtbaar dat elke daad deel is van een groter huis: dat van de gemeenschap, van de polis, van de wereld. En telkens opnieuw, in deze microkosmossen, ontluikt het licht van de aurora — niet als vernedering, maar als correctie; niet als prijs, maar als herinnering; niet als einde, maar als steeds hernieuwd begin.

Paper : Het goddelijke als horizon: Zambrano, Weil, Campo en Heidegger over economie en betekenisEen hermeneutische lezing van het gedegradeerde goddelijke en de monetaire substitutie in de moderne economie

Abstract  

Dit paper onderzoekt hoe het goddelijke zich in de hedendaagse economie manifesteert, niet als transcendentie, maar als haar gedegradeerde surrogaat: geld. De moderne economische rationaliteit reduceert waarde tot prijs en vrijheid tot consumptie, en transformeert zo de economie tot een seculiere theologie met eigen afgoden, rituelen, illusies en beloften. Vanuit de razón poética van María Zambrano, Simone Weils notie van dé-création en aandacht, Cristina Campo’s ritueel van perfectie en Martin Heideggers begrip van tijdelijkheid en het ontoeigenbare, wordt een alternatief geschetst waarin de economie haar existentiële diepte herwint.

Kern van dit alternatief is de figuur van de waarde-gecreëerde mens, die zich niet laat reduceren tot homo economicus maar zijn vrijheid belichaamt in schepping, aandacht, schoonheid en ontvankelijkheid. In dit perspectief treedt beschaming naar voren als een cruciale ethische horizonpraktijk: zij functioneert niet als vernedering, maar als humaniserende grensstelling die maat en proportie herstelt waar markt en instituties falen. Beschaming legt bloot waar geld en macht schaamteloos domineren en heroriënteert de economie op menselijke waardigheid. Zij fungeert als een subtiele rem op excessieve accumulatie en opent ruimte voor een relationele economie waarin sociale erkenning en morele verantwoordelijkheid centraal staan. Als pedagogisch en politiek instrument verankert beschaming de poëtische rede in de maatschappelijke praktijk en transformeert zij de economie in een veld van ethische resonantie.

Door kosmologische inzichten van schepping en discontinuïteit, de evolutionaire logica van contingentie en de menselijke worsteling tussen angst en transcendentie te integreren, wordt de economie hergedacht als een ruimte van betekenis, zorg en poëtische aanwezigheid. Het “goddelijke in de economie” verschijnt zo niet als bezit of zekerheid, maar als horizon en gave — een oproep om een economie te funderen die vrijheid en menselijke waardigheid waarborgt en de waarde-gecreëerde mens vormt in schepping, aandacht, schoonheid en verantwoordelijkheid.


Keywords

Razón poética (María Zambrano); waarde-gecreëerde mens; beschaming; ethische horizonpraktijk; contingentie; horizon; dé-création (Simone Weil); poëtische economie; menselijke waardigheid; tijdelijkheid; seculiere theologie; het ontoeigenbare (Martin Heidegger); ritueel van perfectie (Cristina Campo).

Reacties zijn gesloten.